Hoe maken we
elektriciteit?
Ampere
Zon
Zoncellen
Zekering
Weerstand
Als je een magneet langseen koperdraadhaald gaat er een piepkleinstroompje lopen door de draad.Ala je de draad oprolt en je gaat er met een magneet langs dan gaat er een grotere stroom lopen.Hoe groter de draad hoe sterker de magneet die je nodig hebt.Een opgerolde koperdraad noem je een spoel.In een auto en op de fiets zitten dynamos.In elektriciteit centraales zitten die ook.Allen dan vele maal groter,deze noemen we generatoren.Een dynamo kan op verschillende manieren worden aangedreven.Namelijk door stoom water zon windmolens en benzine-en diesel moteren.

Stroom loopt altijd rond(STROOMKRING).Aan de stromingkring zitten altijd 2 aansluitings punten namelijk de +en de - kijk maar naar een stopcontact en een baterij.De aan en afvoer moeten met elkaar verbonden zijn als ze iets merken van de stroom.Dit noemen we een stroomkring.In een stroomkring kan een lamp zitten.De stroomkring moet gesloten zijn ander brand de lamp niet.
We maken een stroomkring met een gloeilamp en er gaat stroom lopen. De hoeveelheid stroom die gaat lopen noemen we ampere. Bij de lamp gaat er 1/4 ampere stroom lopen. Een wasmachine heeft veel meer stroom nodig. Soms wel 10 ampere.
Als
je een magneet langs een koperdraad beweegt gaat er een piepklein stroompje
lopen door de draad. Als je de draad oprolt, en je beweegt er een magneet langs,
dan gaat er een grotere stroom lopen. Hoe groter de rol draad en hoe sterker de
magneet, hoe groter de stroom.[De opgerolde koperdraad noemen we een spoel.] Een
spoel en een magneet zitten in een dynamo. In de auto zit een dynamo en ook op
je fiets zit er een. In
de elektriciteitscentrale zitten er een heleboel. Die zijn heel groot. Zulke
dynamo's noemen we generatoren. Een dynamo kan op verschillende manieren worden
aangedreven namelijk

Na
de tweede wereldoorlog waren geleerden bezig met experimenten. Ze ontdekten dat
als ergens licht op viel de hoeveelheid stroom veranderde. Ze ontdekten ook dat
als er helemaal geen stroom
liep, er toch stroom ging lopen zodra er licht op viel. Ze hadden een zonnecel
ontdekt. Hoe meer licht, hoe meer stroom er gaat lopen. Je kent zonnecellen wel
van rekenmachientjes en sommige horloges. Ook bekend zijn de zonnecellen uit de
ruimtevaart.
Elektriciteit is geen menselijke uitvinding. Het is al zo oud als de wereld. Sommige dingen zijn van zichzelf al elektrisch geladen. Ze hebben een positieve of een negatieve lading. Dit noemen we statische elektriciteit. Komen verschillende statische ladingen bij elkaar in de buurt dan krijg je een stroom van positief [=iets] naar negatief [=niets]. Dat is wat er gebeurt wanneer een positief geladen wolk bij de negatief geladen aarde in de buurt komt. Het gevolg is dat er een stroom gaat lopen van positief naar negatief. We zien dat als een vonk of bliksem. Een ander voorbeeld van statische elektriciteit is het aanraken van een plastic kam met je haar.Als je erg droog haar hebt en hard kamt, dan gaan je haren soms rechtop staan.Op zo'n moment moet je je kam eens bij een papiertje houden.De positief geladen kam trekt meteen het negatieve papiertje aan.Als je uit een auto stapt ben je wel eens statisch geladen door de bekleding van de stoel. Als je de deur aanraakt springt er een vonk over.Houd je hand ook maar eens vlak voor de beeldbuis van een televisietoestel.
zonnencollectoren vangen zonlicht op in hun zoncellen en zetten deze om in elektriciteit.Deze omzetting heet een fotovoltaiisch proces.Foto duidt op licht en volt op elektrische spanning waarin het licht wordt omgezet.Het engelse woord hiervoor 'phothovoltaic' en daarom wordt zonne-energie voor het opwekken van elektriciteit ook vaak aangeduidt met 'pv.'
Een zonnecel is gemaakt van silicium.Dat silicium bestaat uit twee lagen,een negatieve en een postieve laag.Hierdoor onstaat een spanningverschil over het scheidingsvlak,dat vekrijgbaar is met plus en de min van een batterij.Onder invloed van licht worden er extra elektronen in de zonnecel losgemaakt.
Wanneer
de stroom uitvalt is er meestal een stop doorgeslagen. Een stop is een
beveiliging die voor alle zekerheid tussen de kabel en het stopcontact is
aangebracht. Tegenwoordig noemen we dat een zekering. Die beveiliging is nodig
omdat het elektriciteitsbedrijf een erg grote hoeveelheid elektriciteit door de
kabels naar je huis stuurt. Veel meer dan er in een batterij gaat. Een stop of
zekering stopt dan ook de stroom. In een zekering zit een dun draadje dat de
stroom gewoon door laat gaan. Gaat er te veel stroom door lopen, zoals bij een
kortsluiting, dan smelt dat dunne draadje. De verbinding met de kabel wordt dan
verbroken: de stop slaat door.
Het
verbinden van de aanvoer met de afvoer doe je niet met een slang of een touwtje.
Daar gaat elektriciteit niet doorheen. Het werkt alleen als de verbinding van
metaal is. Het ene metaal is beter dan het andere. Door koperdraad bijvoorbeeld
kan elektriciteit veel sneller
stromen dan door ijzerdraad. Een
dunne draad geeft ook meer weerstand dan een dikke. Loopt
er veel stroom door een dunne draad dan zal die draad warm worden. In
een zekering zit een veel dunnere draad dan in de elektriciteitskabel.
Als er veel stroom gaat lopen dan zal de draad in de zekering meer weerstand
geven en zo heet worden dat hij smelt. Gelukkig eerder dan de kabel!